Transpirinaika 2006 (verslag Minne Cuperus)

Na de Alpen op de racefiets (soms intensief) verkend te hebben, was ik toe aan een nieuwe uitdaging. Hoe langer hoe vaker viel het me op dat er vanaf een schitterende col nog allerlei paadjes verder omhoog lopen, waarmee je als het ware verder dat landschap in kan komen. Helaas onbereikbaar met de racefiets. De dolle capriolen van de gemotoriseerde medeweggebruikers legt daarnaast de basis voor de idee van een mountainbike vakantie. Op zoek naar een 14 daagse groepsreis (anders is het de moeite niet waard) kwam ik al gauw op de site van ‘Col d’Extreme’ terecht. De Pyreneeën zijn een schitterend berggebied, dat erom vraagt opnieuw door mij ontdekt te worden. Bovendien is het er bijna gegarandeerd mooi weer. In de rust van de Pyreneeën vind ik de kaart en routebeschrijving beter passen dan de moderne GPS, die je ook veel bij dit soort reizen ziet. Ook de GSM hoort in de Pyreneeën niet thuis: meestal ‘geen bereik’.

In April snel geboekt om nog dit jaar mee te kunnen en daarna ongeduldig gewacht tot het zover is. Gelukkig krijg ik per e-mail al een schitterende foto van de verkenning opgestuurd. Half augustus komt dan eindelijk het roadbook per post. Bijna een atlas zo compleet zijn de routes. Het aftellen is begonnen. De reis met de fietsbus duurt heel lang, maar dan mogen we na een foto op het strand aan de Oceaan eindelijk los. Meteen geweldig weer en steile hellingen, zweten dus. De door de firma Kanjers gesponsorde stroopwafelrepen waren lekker en nog goed voor het fietsen bovendien, meteen een groot succes. De onverharde stukken in de tweede etappe smaken naar meer, alleen de afdalingen doen dat nog niet meteen, als platland biker heb ik tijd nodig hieraan te wennen. De laatste afdaling (onverhard) gaat naadloos over in de douche in de herberg in Urzainqui. Deze voorwas is te nat om er meteen een zootje van te maken. De minder snelle groep heeft het al behoorlijk koud gekregen wanneer ze aankomen.

De volgende dag geeft echt mountainbike plezier plus een oorverdovende knal van Bjorn’s achterband  in een extra rondje vanuit Hecho. Gelukkig zijn er een paar deelnemers met wat spullen voor dit soort onvoorziene omstandigheden en lukt het Bjorn zijn band provisorisch te repareren, zodat we als groep verder kunnen.

Het uitzicht vanaf de refugio de Gabardito is geweldig en het blijft droog tot na de toastjes met lekkere dingen. Je ziet George een stuk rustiger de toastjes smeren, wanneer de laatste deelnemer binnen is. We zijn al snel een grote familie. Het lukt ’s ochtends ook steeds beter de bagage op tijd aan te leveren, zodat Frans het met grote precisie kan laden, zodanig dat er een plat vlak ontstaat, waarop de reserve fiets (nog luxer dan die van mij) een plekje vindt.

De vierde dag is al weer een hele speciale. De natuur heeft de normaalgesproken al schitterende etappe met het groene gebied van de Aguas Tuertas nog extra opgekleurd met mooi rode (tertiaire klei) riviertjes, die flink gezwollen zijn door de nachtelijke regen. De avontuurlijke variant en de extra stukken Camino de Santiago maken deze etappe wellicht tot de mooiste van de reis. Er zit nauwelijks asfalt in. De volgende twee etappes zijn ook zeker uitdagend. Hier blijkt wel weer George zijn inventiviteit, want de lunchplekjes zijn zeer geschikt gekozen. Zeker het restaurantje op de camping na de afdaling langs de bulderende rivier de Vellos is een schot in de roos met de lekker warme pizza’s. De beelden van de Catalaanse overstromingen op TV geven duidelijk aan dat iets oostelijker de problemen groter zijn en we het dus toch zo slecht nog niet hebben. Dit had misschien de mooiste etappe van de hele reis kunnen zijn. Het wordt nu de meest onvergetelijke.

De etappe naar Seira is wellicht de mooiste van de hele reis. Het weer is geweldig, alle weggetjes zijn of zeer mooi en stil, of onverhard. Het lunchpakket te kunnen nuttigen met bijgaand uitzicht, wat weliswaar enigszins buiten de route ligt, is alleen al de totale energie van de hele reis waard en zo zijn er nog zat van dit soort belevenissen die dat ook allemaal zijn.

De fanatieke klim vanuit Seira is meteen het mooiste gedeelte van de rit naar Capdella, jammer dat er maar zeven man zijn die dit extraatje aandurven. Meteen de volgende dag klimmen we naar 2200 meter en fietsen dan 20 km op hoogte met de mooiste uitzichten, die je echt met eigen ogen moet zien, want de bijgaande foto is niet meer dan een mager aftreksel. Dit moet wel bijna de mooiste etappe van de reis zijn.

San Juan de l’Erm zal een aantal mensen lang bij blijven, omdat de zo vurig gewenste schijfremblokjes gebracht werden door Lars, een vriend van George uit Andorra. De koffiepauze samen met het echt Spaanse weer is de volgende dag het hoogtepunt. Morgen de halve rustdag, maar eerst nog naar de refugio de Rebost langs de schitterende El Collel, waar ook prachtige MTB uitdagingen liggen. Bijgaand een indruk van het uitzicht.

Tijdens de halve rustdag krijgt Paul jammer genoeg ruzie met een schrikdraadje en moet de rest van de reis rondhinkelen met hechtingen onder zijn knie. De attractie van het overnachtingadres bij Planoles is een echt zwembad, wat welkome verkoeling biedt. George maakt de dagelijkse versnapering deze keer aan de rand van het zwembad klaar. Het is vandaag een stokbroodje tonijn met saus volgens geheim recept: erg lekker. Het ontbijt met worstjes en al is iedereen bijgebleven. Wat deed de keuken daar zijn best, maar het was echt te veel. Om in Frankrijk te geraken moet er tijdens deze etappe enkele keren erg steil geklommen worden. De Collado Verde is wat dat betreft een prachtige fysieke uitdaging om fietsend boven te komen. De voorlaatste lunch is weer geweldig verzorgd door Frans en George met onder andere sardientjes, heerlijk fruit, de zon en een schitterende Romeinse brug.

De laatste rit naar De Zee is nog zeker geen eenvoudige. De toestand dat je alleen maar koeien, paarden, wilde zwijnen met jongen en transpirinaika bikers tegenkomt blijft tot bijna op het laatst bestaan. Knap dat Col d’Extreme nog zoveel onverhard in deze etappe heeft weten te vinden. De Franse pistes horen bij de lastigste om af te dalen. De aankomst bij op het strand wordt gevierd met een spontane duik in de Middellandse Zee. Niet vanwege het mooie weer, maar meer omdat alles toch al nat is. Jammer dat het weer zo op het einde opnieuw moet omslaan.

Omkijkend naar de voorbije reis, zie je dat de flexibiliteit van George en Frans de reis tot een succes voor iedereen heeft gemaakt. Voor de dagen dat het weer wat minder was, waren er alternatieve route kaartjes, zodat de ontberingen niet te groot werden. Zo waren de uitzonderlijke weersomstandigheden nooit echt een probleem. Op een gegeven dag was er zodoende sprake van wel zes verschillende varianten van de basisroute. Er was altijd wel een afkorting of een alternatieve passage mogelijk, waardoor iedereen een passende route kreeg. Ook de door de firma Maxim gesponsorde gelletjes, energierepen en dorstlesser hebben de bikers voor inzinkingen behoedt. Niemand heeft in het busje hoeven zitten omdat het teveel werd. Hiermee was het, blessures en ziekte daargelaten, dus voor iedereen maximaal ‘genieten’. Bedankt George en Frans.

Minne Cuperus,
Veldhoven oktober 2006