Transpirinaika 2004: Hendaye (F) – Argeles-Plage (F)

(Coast to coast van Atlantische Oceaan naar Middellandse zee)

Omdat ik op zoek was naar een nieuwe mountainbike-uitdaging, bedacht ik dat het wel leuk zou zijn om een meerdaagse tocht te gaan doen. In eerste instantie dacht ik: TransAlp. Dat betekende echter ook: redelijke kans op slecht weer, etappes door relatief drukke toeristische gebieden en kans op volle berghutten. Na een tijdje zoeken op internet kwam ik uit op een ánder berggebied: de Pyreneeën. Daar was ik nog niet geweest, dus dat leek me sowieso wel leuk en, ook niet onbelangrijk: veel meer kans op zonnig weer. Zodoende kwam ik dus na enig zoeken bij Col d´Extrême terecht, om deel te nemen aan de Transpirinaika 2004.
Omdat het beschrijven van de hele tocht wat te ver gaat: één dag uit de Transpirinaika:
Dag 10 van Central de Capdella naar St. Joan de l´Erm.

Het bergpension ligt in een gehucht (Capdella) aan het einde van een verharde weg , aan de voet van het Parc Nacional d´Agües Tortes. Een enorm bergmassief. De beheerders zijn erg gastvrij en geven ons na een redelijke nachtrust (we sliepen in stapelbedden), een goed ontbijt: geroosterd brood, beleg, koffie (gemaakt in enorme percolators) en magdalena´s (kleine cakejes). Voor vertrek krijgen we een lunchpakket mee: 2 stukken stokbrood met kaas en ham, een peer en een Spaanse snickers.

Omdat we al wat hoger zitten (±1200m.) is het wat fris, dus ik begin met wat meer fietskleding dan de andere dagen. We beginnen als groep, maar omdat we meteen gaan klimmen naar ±2300m, breekt de groep al snel in kleinere groepjes uiteen. Als ik uiteindelijk op de col sta, is het zelfs nog frisser geworden. Ik trek m´n windvest aan en Jurriaan komt ook aanrijden. Omdat ‘t zo fris is, besluiten we samen meteen door te rijden. Overal om ons heen hangen wolken en dat geeft best een mysterieuze sfeer. Wel jammer dat we geen mooi uitzicht hebben. We blijven nu een hele tijd op hoogte en traverseren nu langs de bergrug naar een andere col. Daar aangekomen breekt de zon een beetje door de spaarzame gaten in het wolkendek. We besluiten vast iets te gaan eten, want we kunnen hier lekker beschut zitten. Niet veel later komt een ander groepje aanrijden en we gaan gezamenlijk aan de afdaling beginnen. De afdaling blijkt erg ruw te zijn met veel losse stenen. Ook staan er regelmatig koeien op het pad. Ze blijven meestal gewoon staan, dus moeten we er tussendoor slalommen. Ongelofelijk lang duurt de afdaling , maar uiteindelijk kom ik toch beneden, samen met Roel. We besluiten even een bakje koffie te doen, en hopen zo de rest van de jongens direct weer te zien.

Zij blijken er echter nog langer over te doen, dus rijden we weer aan. Ondertussen schijnt de zon weer volop en gaan we ons opmaken voor de tweede (erg) lange klim van de dag: van 800m naar 1950m, de Col de Bedet. Deze weg begint als klein asfalt weggetje maar wordt langzaam maar zeker steeds smaller om vervolgens over te gaan in een onverharde weg. Zoals alle andere dagen is er ook deze middag weinig beschutting te vinden tegen de zon, waardoor de klim weer ´lekker´ zwaar is. Roel is helaas afgehaakt en ondanks mijn stops op de klim (tot 4 keer toe!) zie ik hem niet meer verschijnen uit de zoveelste haarspeldbocht. Ik besluit nogmaals te stoppen, want er komen twee quads naar beneden gereden. Ze produceren enorm veel stof en de eerste berijder vraagt iets aan me in het Spaans. Ik begrijp er niets van en zeg dat ik uit Nederland kom. Hij knikt veelbegrijpend, kijkt nog eens naar m´n fiets en wenst me nog een prettige dag (later bleken deze twee, afgezien van Roel, de enige twee personen te zijn die ik die hele middag ben tegengekomen).

Na nog een half uurtje zwoegen ben ik eindelijk op de Col. Ik besluit de lichte variant te nemen, want ik heb vandaag al genoeg geleden, en ik mag nu weer licht gaan dalen. Vrij snel verdwijnt de redelijk overzichtelijke weg in een bos en de weg gaat nu echt dalen. Heerlijk. Deze keer niet zo moeilijk als eerder deze dag. Nu kan ik lekker snelheid maken en een beetje relaxen. Al snel houdt het dalen weer op, want na het zien van de kleine kapel van Santa Magdalena (1530m.) moet ik een riviertje doorkruisen, waarbij ik natuurlijk nét natte voeten krijg. Nu kan ik de rivier volgen door het dal en na een aantal eindeloos mooie kilometers langs de rivier gaat de weg weer licht omhoog. Gelukkig blijkt het niet veel te zijn, want plotseling, uit het niets, verschijnt ons volgende overnachtings adres, de Refuge La Bassata bij St. Joan de l´Erm. Dit ligt verscholen midden in het bos en het is er heerlijk rustig als ik aankom. Een paar deelnemers zijn er al en ook de begeleiders zijn er al om ons op te vangen. Nu eerst een lekker biertje en bijkomen van deze dag. Straks lekker eten: pasta als voorgerecht en dan een lap vlees met gebakken paprika. Als toetje een soort yoghurt. En dan rond 22:00 uur onder de wol, lekker slapen!

Dag 10 was: 93 km lang, met daarin 2540m. geklommen , 2150m. afgedaald, maximale hoogte van 2230m. gemiddeld hellingspercentage 7% en een maximum hellingspercentage 22%.
En na 16 dagen zat ik echt wel aan de beloofde afstand: 1187 km, 28.452 hm.

Kilian Weeterings
Oktober 2004