Een dag uit de Transpirinaika 2009

Start
“Het is half acht in de ochtend. Ergens in de slaapzaal gaat er een wekker af en langzaam wordt iedereen wakker. We liggen deze nacht met z’n zessen op een slaapzaal en hebben een douche en twee wastafels tot onze beschikking.
Met een bijna militaire discipline doet iedere deelnemer zijn ding. De volgorde waarin dat gebeurt kan verschillen;  wassen, slaapplaats opruimen, was van de lijn halen, tassen inpakken en fietskleding aantrekken.
De vorige avond is de route van vandaag doorgenomen en is tevens afgesproken dat het ontbijt om acht uur klaar zou staan. Inderdaad druppelt op dit tijdstip iedereen de eetzaal binnen en gaat de koffiekan van hand tot hand. Het ontbijt staat voor ‘veel bunkeren’, want we rijden deze dag maar liefst 2.400 hoogtemeters onder onze wielen door. Alles aan tafel is dan ook goed verzorgd en er is ruim voldoende!
Dit is één van de weinige dagen dat we ons lunchpakket zelf moeten meenemen, aangezien de bus met fietstrailer vandaag niet in de buurt komt van onze route. Deze dag rijdt Emiel met ons mee, George en Frits doen de boodschappen onderweg en rijden dan door naar het volgende overnachtingsadres.”

Koeien, paarden en gieren
“Het is fris vanochtend. Er volgt een laatste check van de bike en gezamenlijk gaan we op pad. In ‘no time’ is de snelle groep uit het zicht verdwenen. We fietsen in een gestaag tempo omhoog. Iedere deelnemer heeft zijn eigen cadans en al snel heb je je fietsmaatje voor deze dag gevonden. Bij diverse ‘stops’ waar wat gegeten en gedronken wordt wachten we op elkaar. Dit is tevens een mooi moment om je hartslag de tijd te geven om iets te zakken.
Het landschap verandert langzaam van weiden naar bossen. Naarmate we hoger komen wordt het steeds kaler. De vele schapen, koeien en paarden die hier los lopen, zorgen geregeld voor hilarische momenten. Soms moeten we stoppen omdat er een kudde koeien ons pad blokkeert. Plots zien we tientallen gieren op een rots zitten. Heel rustig stappen we af. Iedereen maakt foto’s, want dit is toch wel heel bijzonder zo dichtbij.”

Valpartij
“De mist komt opzetten en het wordt killer. De jackjes komen uit de ‘camelback’ te voorschijn, maar ondertussen begint ook de watervoorraad van drie liter op te raken. George heeft ons een aantal plaatsen opgegeven waar water getapt kan worden.
We stoppen bij een hooggelegen herdershut en ook nu weer heeft George het bij het goede eind. Tjonge jonge, wat een expertise heeft deze man in huis als het gaat om de Pyreneeën.
Vervolgens dalen we een stukje en de zon breekt waarachtig door! De mist lost op en aan onze rechterkant zien we een wild stromende beek. Ik fiets naast Bé en al kletsend haken onze sturen in elkaar. Hoor hem nog “Oh nee!” roepen en een seconde later liggen we onder onze fietsen. Gelukkig mankeren we beiden niets. De enige schade betreft een paar schaafplekken en een slag in mijn voorwiel.”

Kogelgaten en een verkeerd pad
“Niet lang daarna komen we op een plek waar een hek ons belet verder te fietsen. Dit hek blijkt de grens met Spanje. Tijd voor de lunch! Deze gebruiken we nét op Frans grondgebied op een mooi plekje in de natuur. De vele kogelgaten in het bord bij het hek wijzen erop dat hier flink met scherp wordt geschoten. We gaan onder het hek door en belanden iets verder bij een stuwmeer. We blijven langs dit stuwmeer op hoogte fietsen. Aan het einde steken we de stuwdam over om vervolgens, naar later blijkt, een verkeerd pad te nemen en dat ondanks onze GPS. Een erg mooi pad overigens met veel hoogteverschillen en behoorlijk wat boomwortels. Eus, een van onze reisgenoten, rijdt met zijn ‘fully’ voorop. Het ene moment zit je nog op je fiets en rij je aan de leiding; het andere moment lig je op de grond. Niets aan de hand gelukkig, maar wel een knak in je zelfvertrouwen. Tja Eus, je had je zadel ook wat lager moeten zetten, há há!
Het gekozen pad blijkt het verkeerde pad te zijn als we in het bos niet meer verder kunnen en terugfietsen geen optie is. Dan maar omhoog klauteren met je fiets en door de bosschages komen we op een hoger gelegen trail terecht. Nu zitten we weer goed en als iedereen aanwezig is vervolgen we onze tocht. Wat is de natuur hier mooi! Je kan goed zien dat de herfst zijn intrede doet. Sommige bladeren beginnen reeds te verkleuren. Het is al laat in de middag als we het bos uitkomen. Halverwege de afdaling van de Port de Larrau staan George en Frits op een parkeerterrein van een cafeetje klaar met een versnapering.”
  
Downhill
“De snelle groep zit niet eens zover voor ons. We rijden met z’n allen verder over een korte asfaltklim naar de top. Boven is het fris en de windjackjes komen er aan te pas. In de afdaling volgen we het onverharde pad weer.
Het eerste gedeelte van de afdaling gaat erg langzaam. We stuiteren alle kanten op en je moet heel goed geconcentreerd zijn wil je niet naast het pad en tientallen meters lager belanden. Dan wordt het pad ‘sneller’ en hoeft er nog maar weinig geremd te worden. De snelheid loopt op tot over de 60 km per uur! Wat is dat weer ‘kicken’, na zoveel hoogtemeters gemaakt te hebben. Jammer genoeg komt ook hier een einde aan en rijden we het dorpje Urzainqui binnen. De kilometerteller op mijn bike geeft ruim 90 km aan en maar liefst 2.577 hoogtemeters.”

Poetsen en pasta
“De tassen staan al bij de ingang van de herberg. Frank, die deel uitmaakt van de snelle groep, komt me enthousiast tegemoet en samen beleven we de dag nogmaals. Ondertussen wijst hij mij waar we slapen. Het is altijd weer een verrassing waar je terecht komt. Allereerst haal ik maar even het stof van de derailleur en ketting en zorg dat deze opnieuw gesmeerd worden. Gelukkig hoef ik geen modder te verwijderen, want dat zou betekenen dat het geregend zou hebben.
Nu mijzelf maar voorzien van een drankje en een snack. George en Frits hebben inkopen gedaan onderweg en dat valt natuurlijk altijd in goede aarde!
Voordat we gaan eten – in Spanje eten ze laat – heeft iedereen een douche genomen. Ook de fietskleding is gewassen en vervolgens te drogen gehangen op bijzonder vindingrijke plekken. De kok staat in de keuken een maaltijd voor twintig hongerige magen te bereiden met ook deze keer veel pasta, vlees, salade en een wijntje. Na het eten zitten we rozig nog wat te kletsen en is het George die onze aandacht vraagt. De route voor morgen wordt besproken en Eus, de ‘charmante’ assistent van George, houdt behulpzaam de kaart met het hoogteprofiel omhoog. Wat dan nog volgt zijn de nodige vragen en het downloaden van de GPS-route van morgen. Om een uur of elf ligt iedereen onder zijn dekentje te slapen.
Doodstil is het. Tot de volgende morgen half acht…!”

Met dank aan het hele begeleidingsteam, George, Frits en Emiel, voor deze twee fantastische weken met een uitmuntende verzorging.

Henk Slok Soede, Hoofddorp