Drie uur uit de Transpirinaika 2005 (door Pepijn Bink)
… de glinstering op het busje verraadt dat het vannacht gevroren heeft. Als ik buiten kom is het gelukkig
al een graad of 5 en de krimpende schaduw in dit bergdal maakt ons duidelijk dat de zon ons weldra verder zal verwarmen. Op dit moment is nauwelijks te geloven dat m’n fietscomputertje aangeeft dat het in deze fietstrip ook al 33°C is geweest.
Vier kilometer licht stijgend asfalt vormen een zachtaardige introductie tot de etappe van vandaag: een rit over ruim 100 km van Capdella naar St. Joan de l´Erm. Even later draai ik met een voorhoede van 5 andere kleurige MTBers rechtsaf een brug over en dan begint de lange klim naar de 2250 m. hoge Collado de la Portella. Hoelang ik fiets, hoeveel haarspeldbochten, het gaat allemaal langs me heen…slechts het keien patroon van de eerstvolgende 10 meter, m’n ademhaling en cadans bepalen mijn kleine wereld. Zo nu en dan een blik om me heen ter bevestiging: “ja, ik ben al een heel stuk boven het smalle dal, … maar nee, ik kan de col nog niet ontwaren”.
Af en toe zie ik de figuurtjes van Eduard en Gerard een paar bochten hoger en Olaf een bocht lager. Ook Ruud, Niels en “de mannuh van de Bus” voeren hier ergens in de flank hun eigen dialoog. Het licht strijkt langs de berghelling en boven de boomgrens rijd ik steeds vaker in de zon.
Gesteund door de warmte en een licht windje in de rug kan het wel een tandje harder. Als vanzelf blijft mijn blik hangen op de gestalte van Gerard, slechts iets verderop… “hoe ver zou het zijn? … dichtbaar?” De volgende haarspeld maakt een einde aan deze mijmeringen, het wordt weer steiler en het eerdere lichte rugwindje is nu een sterke koude tegenwind. Ik ga nog even rechtop staan, maar moet al gauw in m’n lichtste verzet gaan zitten. Als m’n snelheid zakt tot een schamele 4.3 km/h weet ik heel goed dat ik spartel, maar hou vol… vurig hopend dat de wind het net iets eerder moet opgeven dan ik.
Ik loop een 200tal meters, recht de rug en strek de kuitspieren. Ook een slok uit de camelbag en een stevige Maxim reep bouwen moraal voor een hernieuwde ronde tegen de wind en de keien. Als ik weer opstap hoor ik aan een licht ratelend geluid dat Ruud in de buurt moet zijn, -niet omkijken-, -eigen tempo rijden- is het dwingend advies aan mezelf. De alpenweiden schuiven nu weer soepel voorbij, maar als ik hoog boven de col een gier zie zweven, weet ik meteen weer waar ik ben.
Wat een leegte zeg,… behalve enkele gieren en koeien zullen we vandaag welgeteld twee auto’s tegenkomen, wat bij iemand zelfs de -serieus bedoelde- opmerking ontlokt: “wat hadden we vandaag veel tegenliggers zeg”.
Na de voorlaatste haarspeldbocht van deze klim stuit ik plots op Gerard en Eduard in de berm. Mijn verbazing is van korte duur als blijkt dat een lekke band de oorzaak van hun geringe voorsprong is. Een lunchpauze bij de col maakt de kopgroep weer kompleet en al etend van de serranoham uit het prima lunchpakket volgen we de verrichtingen van de passagiers van de uiteengeslagen “bus” op de helling onder ons.
Even later rijden we over het hoogste punt van deze trip. En denkend aan onze eergisteren teruggekeerde collega Herman die ons alsmaar op het hart drukte “Vergeet niet te genieten !” staat hieronder ons bewijs van weer een genoten dag in de Transpirinaika 2005 !
p.s.1 Petje af voor de organisatie en de deelnemers !!!
p.s.2 Ik hoop dat dit avontuur zijn familiale kleinschalige karakter mag behouden.
november 2005

